Europa

Artikelindex

Frankrijk - Andorra - Spanje - Portugal

1 t/m 23 september 2016

Ieder jaar maken we met onze Schavuiten-vrienden een stedentrip. Dit jaar is de keus op Porto gevallen. Omdat we toch de tijd aan ons zelf hebben, gaan we met de auto. We vertrekken twee weken eerder en rijden op ons gemak door de Ardèche in FRANKRIJK, ANDORRA, de SPAANSE Pyreneeën, Baskenland en Noord-PORTUGAL.

Pont du Gard in Remoulins

RouteFrankAndSpanPort

Donderdag 1 septemberNaar Soucieu-en-Jarrest (Frankrijk)
Om 7:30 uur vertrekken we naar het zuiden. Het is gelukkig droog, wat we wel prettig vinden. Regen houdt altijd zo op. De langste stop wordt in Nederland voor een koffiestop. Het is heel rustig op de weg. Alleen in Maastricht (voor ons de laatste keer bovengronds) en Luik, waar we dwars door de plaats heen moeten rijden, is het wat drukker. Er zijn een paar wegopbrekingen, maar dat valt allemaal mee. In Luxemburg komen we slechts een klein stukje en we gaan hier natuurlijk tanken. Benzine kost € 1,10 de liter, tegenover € 1,43 gisteren thuis. En dat was de allergoedkoopste in de buurt. Dat scheelt heel wat. Op de snelweg in Frankrijk kost een liter € 1,44.
We rijden via Maastricht en Luxemburg naar het zuiden. In Frankrijk rijden we tot Lyon via de tolweg over de Route du Soleil. Het wordt steeds rustiger en bij Lyon kunnen we ons voorstellen dat er ’s zomers files staan. Van alle kanten komen wegen samen en alles en iedereen moet door die smalle tunnel. We moeten dwars door de stad, maar dat gaat wel over een snelweg. Het laatste stukje naar ons onderkomen hebben we nog wat file. We hebben 900 kilometer gereden en komen om 17:45 uur aan op onze overnachtingsplek. We hebben thuis een Chambres d’hotes geboekt in Soucieu-en-Jarrest voor slechts € 60. Omdat het een klein dorpje lijkt, hebben we meteen een diner er bij besteld voor € 15 p.p.
We krijgen een vrij groot appartement, spreken half Frans, half in het Engels een en ander af. We zetten onze spullen neer en lopen het dorp in. Het is klein, een paar winkels, een kerk en een kroeg. Dat is nou net wat we willen: een koud biertje, want het is hier 31°. Lekker. Niet heel veel warmer dan thuis, maar toch wel even wennen. Het is een Caribische kroeg annex goktent (paardenrennen). In de kroeg zitten de plaatselijke mannen. Ons kent ons. Ze schudden handjes en de eerste intimi kussen elkaar. De enige andere vrouw drinkt vermouth. De mannen zitten aan de pastis of kronenbourg-bier zoals ze het hier noemen. Wij drinken Grimbergen van de tab. Kost wel € 2,90 per glas. Daar doen ze het bij ons niet voor. Voor de sterke drank hebben ze hele leuke maatjes op elke fles zitten. Een schenktuit met in het midden een klein bolletje. Zou ik wel willen hebben.
Voor het diner hebben ze buiten voor onze kamer een tafeltje gedekt. We zitten tussen het groen in alle stilte. Wat een luxe. Zolang het licht is, zitten er wat kleine vliegjes, maar met het donker verdwijnen ze. We krijgen een blad met salade, eierprutje met crème, groenteschotel, brood, kaas, fruit en een halve liter wijn. We hebben er meer dan genoeg aan, al moeten we wel even wennen aan het late eten. Vooral straks in Spanje en Portugal eet men laat. We hebben in het dorp ook nog een supermarkt gevonden en daar een zak witte wijn gekocht. Als afzakkertje nemen we nog een glaasje. Tenslotte moeten we ook nog proosten op de verjaardag van zus Wilma. Een goed excuus.

Vrijdag 2 septemberNaar Remoulins
Het ontbijt is uitgebreid voor Franse begrippen. Er staan kommen op de tafel van het formaat grote soepkom en wij denken, dat ze voor de muesli zijn. Ze zijn voor de koffie! Zo is zo’n kan in een keer leeg en de koffie koud voor je halverwege bent. Lekkere koffie en lekker brood.
We pakken onze spullen in, vullen onze meegenomen koelbox en gaan op weg naar Remoulins. Vandaag rijden we door de Ardèche en we gaan verschillende dorpjes bekijken.
We schakelen de routeplanner in, zetten de tolwegen uit en vertrekken om 9:15 uur verder naar het zuiden. Eerst over smalle weggetjes door leuke kleine dorpjes over soms hele kleine rotondes; zo klein, dat we ze amper als zodanig herkennen.
Eenmaal weer de snelweg af, worden de wegen weer smaller. Het is niet zo warm. Slechts een graad of 20. Maar dat blijkt door de hoogte te komen. We hebben er geen idee van, dat we vrij hoog zitten. Dat is helemaal ongemerkt aan ons voorbij gegaan. Maar even verderop gaan we afdalen. Kilometers lang 10% naar beneden! VogüéEen mooie weg met veel haarspeldbochten. Af en toe komen we door dorpjes. Hier staan soms aan weerszijden hoge bomen die naar elkaar toegegroeid zijn, waardoor we onder een haag rijden. Erg mooi. Op goed geluk hebben we een paar dorpjes uitgezocht die in een redelijke rechte lijn liggen op weg naar Remoulins waar we vanavond zullen slapen. De eerste plaats is Aubenas. Vanaf een afstandje zien we de stad al liggen. Wat hoger dan de weg en een kasteel is goed zichtbaar. Beneden is een kleine parkeerplaats waar we warempel snel een plaatsje vinden. We wandelen door smalle straatjes omhoog en komen op een gezellig plein met allerlei terrasjes en het Château d’Aubenas. Het ligt midden in de plaats. Het is een historisch monument en wordt momenteel als stadhuis gebruikt. We kunnen er niet in. Vanaf de toegangsweg hebben we prachtig uitzicht over het dal en het eigenlijke dorp. Een klein stukje verderop ligt de Dome Saint-Benoit. Vogüé is ook erg leuk. Het ligt aan de rivier de Ardèche waar een strandje langs gemaakt is. Er zwemmen en zonnen heel wat mensen. Ook hier een slot met op de achtergrond een soort pannenkoekenrotsen. Talloze terrasjes zijn er. Het is ondertussen knap warm geworden. Een graad of 35. We lopen door de straatjes gelukkig veel in de schaduw. Een heel leuk dorp. We rijden verder naar het zuiden en zien onderweg steeds meer druivenstokken en wijnhuizen. Het is nog geen pluktijd. Het volgende dorp is Balazuc, volgens onze informatie staat dit bekend als een van de mooiste plaatsjes van Frankrijk. Het is op een grote rots gebouwd en kan alleen te voet bezocht worden. Het is wel aardig, vooral vanaf de overkant van de rivier met ook hier veel poedelaars. Maar wij vonden die vorige twee dorpjes leuker.
RemoulinsWe hebben geen tijd meer voor Vallon-Pont-d’Arc, want we moeten door naar Remoulins waar we voor zessen in moeten inchecken. Remoulins is net zo groot als Soucieu-en-Jarrest, maar veel levendiger. Er zitten meer winkels en restaurants. Ook meer toeristen. Wij zitten midden in het dorp aan een klein plein. Ons b&b Bize de la Tour zit in een oud herenhuis en heeft vijf kamers. Het is prachtig ouderwets ingericht en in de badkamer staat een groot bad op pootjes. Het hele huis is tot op de puntjes ingericht in dezelfde stijl. De eigenaar spreekt gelukkig Engels. We hebben de auto op de openbare weg geparkeerd, maar we moeten hem op een afgesloten terrein zetten. Hiervoor moeten we de oude binnenstad in met hele nauwe straatjes en erg krappe bochten. De eigenaar gaat lopend voorop. Het is heel grappig.
We lopen het minicentrum ik, bekijken de winkeltjes en besluiten bij de pizzeria op het terras een biertje te drinken. In de schaduw, want het is nog steeds erg warm. Om 20:00 uur gaan we eten op het pleintje voor ons huis. Voor de Fransen is dit vroeg; die eten pas om een uur of tien. Wij moeten hier ook langzaam aan gaan wennen, want in Spanje en Portugal eet men net zo laat. We zitten heerlijk buiten met een karafje rode wijn en nemen enkel een hoofdgerecht. Omdat we hier zo lekker zitten, nog maar een karafje. We zijn € 45 kwijt. In de b&b gaan we nog even buiten op het terrasje zitten samen met twee Duitsers. We zitten erg gezellig te kletsen.

Zaterdag 3 september Naar Andorra la Vella (Andorra)
Samen met andere gasten en de eigenaar ontbijten we aan een grote tafel die helemaal vol staat met van alles en nog wat. Wat een overheerlijk uitgebreid ontbijt! Ook hier weer van die grote mokken. Een vrouw krijgt een potje thee, dat kleiner is dan zo’n kop.
Pont du Gard in RemoulinsVoor we naar Andorra vertrekken, gaan we eerst naar de Pont du Gard, die een kleine vijf kilometer verderop ligt. De toegang is wel € 18 voor een auto en onszelf, maar à la, we zijn op vakantie. We lopen een stukje en zien dan het Romeinse aquaduct annex brug mooi in de zon liggen. Het is nog niet zo warm en hellemaal niet druk. Als je ziet hoe groot het parkeerterrein is, wil je niet weten hoe druk het zou kunnen worden. We bekijken de brug van alle kanten, klauteren een stukje naar beneden om hem in het water te zien spiegelen (een beetje rimpels in het water door de stroming), lopen een paar honderd meter omhoog voor een panoramisch uitzicht en gaan dan weer verder. We rijden vandaag naar Andorra en we hebben besloten om dat via de tolwegen te doen, omdat dat anderhalf uur korter is. De temperatuur loopt al snel weer op naar 33°. Het is een stuk drukker op de weg dan de vorige dagen. Misschien omdat het zaterdag is? We hebben een half uurtje file en als we de afslag nemen richting Toulouse wordt het rustiger. We hebben tijd genoeg om Cite de Carcassonne te bezoeken. Dit is een oude vestingstad dat goed bewaard is gebleven. Mooi om even rond te wandelen. Citė de CarcassonneDan gaat het weer verder richting Andorra. Na de afslag daar naar toe wordt het erg rustig op de weg. Maar ook erg rustig met benzinestations. Voor de zekerheid gaan we de snelweg af op zoek naar een tankstation. We rijden een paar kilometer door niemandsland, zien we wat huizen en activiteiten. We willen net gaan vragen als we een pomp zien. Snel getankt en weer verder. In de verte doemen de Pyreneeën op en we zien ook de onweerswolken er boven hangen. We zijn benieuwd! Het is vandaag niet zo zonnig. Wel warm. We rijden door een lange tunnel, 2100 meter en naderen Andorra. We willen over de Pas de la Casa naar Andorra la Vella rijden, wat nog een kilometer of vijftig is. Soms zit het mee en soms zit het tegen. Nu dus even tegen. We zijn bijna bij de grens als we verschillende tegenliggers met de koplampen zien knipperen. Wat is er aan de hand? We komen een bocht door, sluiten aan achter een paar stilstaande auto’s en zien midden op de weg een busje in de fik staan. Hij brandt niet een klein beetje, de vlammen slaan er aan alle kanten uit. De politie is snel ter plaatse en maant ons afstand te nemen. De auto lekt brandstof en ons lijkt de mogelijk tot ontploffing groot. Wat te doen? We kunnen blijven wachten? En hoelang gaat dat dan duren? We besluiten om te draaien en via Spanje Andorra binnen te rijden. Die weg is lang niet zo mooi, maar dat is het weer ook niet meer. Weldra begint het te regenen en eenmaal in Spanje te stortregenen. De lengte van de omweg valt ons mee en slechts een uur later dan gepland, bereiken we ons hotel. Dat ligt midden in de stad en heeft een eigen parkeergarage. Het is er erg druk en we rijden een paar rondjes, ondanks de kaart die we hebben, voordat we goed uitkomen. Voor het hotel kun je de auto niet echt parkeren en voor de garage ook niet. We moeten eerst naar het hotel om in de parkeergarage te kunnen. Dan zit het weer even mee. Pal voor ons rijdt een auto weg en Martijn krijgt de auto in het piepkleine plaatsje geparkeerd. We lopen naar het hotel, checken in, lopen terug en parkeren de auto op de goede plaats in de garage. Het is ondertussen bijna acht uur en gelukkig weer droog. De temperatuur is nog goed genoeg om zonder trui buiten te lopen. We gaan eten bij Denis of zoiets en nemen een lekker tapbiertje. De officiële taal hier is het Catalaans. Verder spreken ze meer Spaans dan Frans, maar ook met Engels kunnen we terecht. Waren we net aan onze beperkte Franse woordenschat gewend, moeten we omschakelen naar de nog beperktere Spaanse. We verstaan het genoeg om te weten waar het over gaat, maar kunnen meestal niets terug zeggen. De menukaart kunnen we wel lezen. Lia gaat voor de paella van zeevruchten en Martijn kiest de lamskoteletten. Beide smaken overheerlijk. De paella duurt even voor die klaar is en dat geeft ons de tijd om rustig om ons heen te kijken.
Martijn eet gelukkig mee van de paella. Het is een hele grote pan vol. Na negenen wordt het erg druk met eters. We zijn moe en gaan vroeg naar bed.

Zondag 4 septemberAndorra la Vella
Andorra la VellaWe worden pas om 9:30 uur wakker. En unicum voor ons. We wandelen de stad in waar het nu nog rustig is. Eerst naar het oude deel en belanden al snel op een terrasje voor een kop koffie. We bekijken etalages vol met enorme flessen drank, horloges, parfums, computer- en fotoapparatuur. Het is belastingvrij en dat trekt veel toeristen. En die zijn er dan ook. Veel teksten zijn met Google Translate vertaald naar het Engels en soms ook naar het Nederlands. Zo vinden wij een winkel ‘gesluit’. Wij vinden de stad niet echt geweldig, maar voor een dagje is het wel leuk en we genieten van onze ‘vrije’ dag. We drinken nog meer koffie, eten een broodje met Spaanse ham, drinken een biertje en houden siësta. Onze hotelkamer heeft een mooi terras buiten en wij kijken uit over het centrum. Lekker. We plannen alvast de route voor morgen. De temperatuur is goed. Begin 20°, meest zonnig, geen wind.
We kopen een fles whisky voor straks in Porto. 1,2 liter kost € 12,95, ongeveer de helft als thuis. Ook kopen we frisdrank en kaas voor het ontbijt morgenvroeg.
We borrelen buiten op een terras waar voornamelijk plaatselijke bevolking zit. We eten hier later ook, maar dan wel binnen. Het is meer een eetcafé. Wel gezellig, lekker en goedkoop.
Op ons terras drinken we nog een glaasje witte wijn.


Maandag 5 septemberNaar Santa Eulalia de Gállego (Spanje)
We kopen een stokbrood, zetten koffie, pakken in, checken uit en lopen naar de garage. Vandaag rijden we door de Pyreneeën naar Santa Eulalia de Gállego in Spanje. Het eerste stuk, Andorra uit en richting Lleida gaat snel. Bij Collins de Nargó beginnen we aan de reis binnendoor naar Graus. Smalle wegen, één en al bocht, weinig verkeer, een paar dappere fietsers, wat roofvogels hoog in de lucht, een stel motorrijders. De weg gaat op en neer, verschillende cols, mooie vergezichten, af en toe een paar huizen soms een echt dorpje. De weg is prima: geasfalteerd en zonder gaten.
Via Isona, Tremp en Benabarre leidt de weg naar Graus.
Basilica de la Virgen de la Peña in GrausWaar het kan, stoppen we om van het uitzicht te genieten. We drinken koude drankjes uit de koelbox. Wat fijn, dat we die meegenomen hebben. We zijn ook blij met de airco in de auto, want het is buiten ondertussen 37°.
Als we Graus binnen rijden, vragen we ons af wat we hier komen doen. Het ziet er niet uit. Toch parkeren we de auto en lopen het kleine centrum in. Hartstikke gezellig! De brede stoep staat tientallen meters lang vol met terrasjes en die zitten vol, helemaal vol. Sommige mensen zitten aan de koffie, de meeste aan het bier of de wijn. Klein hapje er bij en kletsen maar. Het is een gekakel van jewelste.
Een klein stukje verderop zien we nauwe straatjes met gekleurde huizen. Een plein heeft prachtige huizen die half getimmerd en half met stenen gemetseld zijn en met fresco's zijn beschilderd. Zeer mooi.
We lopen nog een stukje door en zien de Basilica de la Virgen de la Peña uit de 16de eeuw. Binnen is de kerk erg eenvoudig; aan de buitenkant zit een mooie galerij met stenen bogen en een zwartwit gekalkt plafond.
Als we koffie op een terras zitten te drinken, prijzen we ons gelukkig, dat we toch in het dorp zijn gaan kijken.
Als we naar Torreciudad rijden, komen we langs La Puebla de Castro, zoals veel dorpjes hier in de buurt een paar huizen met een burcht op het hoogste punt. Torreciudad ligt aan een onwaarschijnlijk blauw stuwmeer. Het indrukwekkende luxueus klooster van Opus Dei ligt boven op een enorme rots. Prachtig.
We rijden verder westwaarts richting Santa Eulalia de Gállego op een grote weg zonder bochten. Het is de hele dag niet druk op de weg.
De routeplanner zegt regelmatig bij een rotonde: neem de derde afslag en wij denken dan vaak, dat dat niet goed is. Dat we de tweede moeten hebben, zoals op de borden langs de weg staat aangegeven. En altijd heeft de routeplanner gelijk en ligt er een piepklein weggetje tussen.
Castillo de LoarreDe toegangsweg naar Castillo de Loarre is een stuk beter dan verwacht. Het is het oudste Romeinse kasteel van Spanje uit de 11de eeuw. Toen was het een verdedigingsvestiging tegen de Moren; later werd het een klooster van de Augustijnenorde. Nu is het grotendeels een ruïne, maar nog zeker een bezoek waard.
Ons hotel ligt in the middle of nowhere. Er is volgens de site een restaurant, maar dat blijkt gesloten. Dat is nou weer jammer. De man van de receptie spreekt net zo veel Engels als wij Spaans en begrijpen we elkaar wel. Een andere man spreekt wel Engels, wijst ons de weg naar ons appartement, brengt een paar biertjes mee, die we lekker op 'ons' terras opdrinken. We hebben geen zin om 's avonds laat nog naar een ander dorp te moeten rijden en dan in het donker weer terug en we besluiten om boodschappen te gaan halen.
We rijden naar het dichtstbijzijnde dorp, Santa Eulalia, met het idee dat daar toch wel een winkeltje zou zijn. Niet dus. Wel hele smalle straatjes waar we met de auto maar net door heen kunnen. We hoeven de zijspiegels nog net niet in te klappen, maar daar is het dan ook mee gezegd. Zo smal. Wel heel leuk!
Santa EulaliaIn Ayerbe zijn een paar winkeltjes. We vinden een parkeerplaats en gaan naar de super kleine supermarkt. We kopen ham, kaas, sardientjes, krabsalade en koud bier. We krijgen een speciaal zakje mee waarin we de spullen koel kunnen houden. Daar doen we het bier in. De buurman is een bakker en daar kopen we een brood.
Om 19:45 uur zijn we weer terug en zetten alles in de koelkast. We hebben een heel groot appartement met een zitje, een enorm bad, twee terrasjes en natuurlijk airco. Als we de gordijnen naast het bed open doen, kijken we uit op een weiland met daarachter prachtige rotsformaties, de Riglos. Ze kleuren schitterend in de ondergaande zon.
Op het grote terras drinken we bier en eten we de net gekochte tapas. 'Wat zitten we hier heerlijk', een zin die we tot nu toe elke avond hebben gezegd. We begrijpen nu ook waarom de Spanjaarden pas zo laat gaan eten: tegen die tijd zijn de wespen verdwenen.

Dinsdag 6 septemberNaar Bilbao
We gaan vandaag naar Bilbao. Eerst willen we in Ayerbe koffie drinken, maar er is geen parkeerplaats vrij. Dan rijden we maar door. Het volgende dorp is Murillo de Gállego. Een dorpje op een heuvel met op de top de 11de eeuwse kerk, de Iglesia de El Salvador. We lopen omhoog, de kerk is dicht, geen winkel of restaurant te bekennen. Geen mens trouwens ook.
Schoorstenen in Santa CruxWe rijden noordwaarts richting het klooster van San Juan de la Peña en onderweg mooie natuur, prachtige rotsformaties, roofvogels, een roodborstje en een paar grote gekleurde libellen.
We parkeren de auto bij het nieuwe klooster uit de 17de eeuw. Over 20 minuten vertrekt een busje naar het oude klooster en we doden onze tijd met koffie drinken. Het Monasterio Viejo de San Juan de la Peña uit de 10de eeuw is een Romeins heiligdom dat letterlijk in een klif is uitgehakt. Er is een kloostergang waar twintig kapitelen voorstellingen uit de bijbel weergeven. In een kapel zijn nog mooie beeldhouwwerken te zien.
We gaan weer verder en stoppen regelmatig om de natuur of een dorpje te bekijken. De wegen zijn goed en erg rustig. Wel veel fietsers.
In Santa Crux de la Serós zijn veel huizen voorzien van ronde schoorstenen die bedoeld waren om heksen af te schrikken. Tsja.
Daarna rijden we over de snelweg naar Bilbao.
Ons hotel ligt net buiten het gebied van de zeven straatjes. We kunnen onze auto kwijt op het kleine parkeerterrein van het hotel. We zetten onze spullen in de kamer en gaan aan de overkant eerst een biertje drinken en wat pintxos eten. Lekker. Daarna wandelen we door die smalle straatjes. Het is goed warm, een graad of 33, en het zweet breekt ons al snel uit. Maar als we die straatjes in lopen, voelen we meteen de 'koelte'. Dat scheelt zeker een graad of tien. Het is er erg rustig; waarschijnlijk houden de meeste mensen siësta. Dat vinden wij verstandig en wij gaan dat ook doen.
PintxosPintxosWe merken, dat het 's avonds anders gaat met eten dan elders in Spanje. Daar eet men 's middags tapas en 's avonds na 21:00 uur een diner. Hier eet men ook 's middags tapas, pintxos genaamd, en 'avonds om 20:00 uur zitten alle terrassen helemaal vol, zit men te drinken en pintxos te eten. Overal staan alle bars vol met lekkere hapjes. Er zijn ook wel 'gewone' restaurants, maar daar eten ze ook al vroeger. De plaatselijke mannen herken je aan hun lange broek; toeristen dragen korte. 21:30 uur lopen vele plaatsen leeg.
Zoals gebruikelijk gaan wij ergens een biertje drinken en kiezen wat hapjes. Dan naar een volgende tent, zelfde ritueel En zo ga je door tot je genoeg hebt.

Woensdag 7 septemberBilbao
We ontbijten aan de overkant van het hotel met een kop koffie en wat pintxos. Het is er druk met mensen die vóór hun werk hetzelfde doen. We zijn samen nog geen € 6 kwijt. Iemand (wij niet) zit al aan het bier.
Men spreekt hier in de stad Baskisch of Spaans. Engels begrijpen ze amper. En dat, terwijl er toch zoveel toeristen komen. In deze tijd is het gelukkig niet zo heel druk. De zomermaanden is het afgeladen.
Dan wandelen we door de stad. Het is warm vandaag: dik boven de 30°. We lopen dan ook zo veel mogelijk in de schaduw. We bekijken het station, dat mooi aan de buitenkant is en van binnen heel gewoon.
De Merkatua la Ribera heeft prachtige ramen en een groot assortiment goederen. Leuk om hier een tijdje rond te struinen.
Guggenheim-museum in BilbaoWe dwalen verder door de smalle straatjes en zien overal de was buiten hangen aan kleine rekjes. Daar boven zijn stukken plastic gehangen; niet tegen de regen, maar tegen de vogelpoep.
We zien de Zubizuri, een moderne brug over de Ria del Nervión. Langs de rivier lopen we langzaam verder, gaan regelmatig op een bankje in de schaduw zitten om om ons heen te kijken. Het Guggenheim Museum doemt op. Een modern gebouw dat voor veel toeristen de belangrijkste reden is voor een bezoek aan Bilbao. Ik kan het niet mooi vinden. Van welke kant we het ook bekijken, het is een lelijk gebouw. Wel apart.
Het loopt al tegen tweeën en we zijn moe. We gaan op weg naar de mooiste pintxos-bar van de stad: Café Iruña. Alleen maar kleine tegeltjes aan de muren met mooie afbeeldingen, een prachtige tapinstallatie, heerlijke hapjes en koud bier. Wat wil een mens nog meer.
Heel veel mensen (wij niet) laten een (soms flinke) bodem drank in hun glas zitten.
Tijd voor siësta.
's Avonds drinken we een biertje op een terras dicht bij het hotel. Het zijn eigenlijk twee tenten die bij elkaar horen. Tussenin ligt de straat en een aantal trappen met overal mensen op stoelen, banken, trappen en staand met een drankje. Het is vooral de plaatselijke bevolking die hier zit. Voor de toeristen ligt het net teveel uit het centrum. Dat vinden wij wel zo leuk. Opvallend veel mensen met een hond. Ook op het terras. In heel de stad zie je veel honden. We drinken eerst wat en eten er ook maar meteen. Wat een hele goede keus blijkt te zijn. Het personeel spreekt zowaar twee woorden Engels en ook de kaart is in het Engels. We kiezen voor kalfsvlees en tonijn. Beide zijn grote porties, uitstekend klaar gemaakt en erg goedkoop. Lekker.

Donderdag 8 septemberBilbao
Palacio Chávarri in BilbaoHet regent! Weliswaar niet hard, maar toch. Het zal vandaag niet warmer worden dan 22°. Niet dat wij dat erg vinden. Eigenlijk wel lekker, zo'n koel dagje. De regen valt ook wel mee. Af en toe wat druilerig, maar we lopen de hele dag zonder paraplu of trui.
We slenteren door de stad, ontbijten, drinken koffie, eten pintxos en doen verder niet zo veel. Een heerlijk rustig dagje.
We zien nog wat oude mannen die de typische zwarte Baskische pet dragen. Leuk.
Door de hele stad zien we voor ramen gele spandoeken hangen. Uit het Baskisch kunnen we helemaal niet opmaken waar het over gaat. We zoeken het op op internet en wat blijkt? Er staat 'welkom vluchtelingen'.
Op hetzelfde terras als gisteren is het weer erg druk en toch vinden we nog een tafeltje met lege stoelen. De kleine flesjes San Miguel-bier zijn in de aanbieding en kosten slechts € 1, wat minder dan de helft is dan een tapbiertje.
We eten er weer en nemen als toetje kaas. 'Één samen is genoeg' beslist de bediening. Veel gerechten worden trouwens gedeeld.

Vrijdag 9 septemberNaar Covadonga
Na het ontbijt in de voor ons inmiddels vertrouwde kroeg, checken we uit en gaan op weg naar Covadonga in het Los Picos N.P., dat 250 km verder naar het westen ligt. We rijden het eerste stuk over de snelweg; het laatste binnendoor. Aan de voet van het gebergte ligt het gebied van de cabrales-kaas. Dat mogen we natuurlijk niet missen. Als er iets lekker is...
In Las Arenas parkeren we de auto en gaan op zoek naar een kaasboer. Die zijn er genoeg. De kazen zijn groot en het kleinste deel wat we kunnen lopen, is een kwart kaas. We kopen een stuk voor € 10; het is geseald en we stoppen het in de koelbox voor als we in Portugal zijn (als er dan nog wat over is). Langzaam rijden we verder en we stoppen regelmatig om van het uitzicht te genieten. We zien regelmatig wandelaars die op weg zijn naar Santiago de Compostella.
Het weer van vandaag: het is droog, in het begin bewolkt, later trekt het open, maar in de buurt van Covadonga wordt het helemaal bewolkt en is het begin 20°.
Basilica Santa Maria la Real in CovadongaEenmaal in Covadonga zijn we te vroeg om in het hotel in te checken en we besluiten om door te rijden naar de Lagos de Covadonga. Het is 12:30 uur en blijkbaar zijn heel wat mensen op het idee gekomen om dat te doen. Er rijdt een file langzaam die kant op. We zien de basiliek hoog op een berg liggen. Ook al is het bewolkt, het is een imposant gezicht. Omdat het zo druk is, is de weg naar de meren afgesloten. Alle parkeerplaatsen zijn vol. Dan maar toch eerst naar het hotel. Jammer dat booking.com de verkeerde exacte locatie aan geeft en we moeten het even vragen. We moeten een eindje terug, weer in die file. Gelukkig is hier parkeerplaats en kunnen we meteen inchecken. We leggen onze spullen op de kamer en gaan lopen naar de basiliek. De weg gaat omhoog en wij wandelen via een wandelpad daar heen; ongeveer 20 minuten. In de tussentijd is het al een stuk rustiger geworden en we beseffen, dat we net in het drukste half uurtje van de dag boven waren. We bekijken de kerk, een onderdeel van het 'Sanctuario de Covadonga' en de heilige grot met het beeld van de Maagd van Covadonga.
Het is ondertussen helemaal helder geworden; de wolken zijn grotendeels opgelost en we zien een blauwe lucht. Wat een verschil met een uurtje geleden, toen er alleen maar wolken te zien waren.
Ook zijn er al veel minder toeristen, 99% Spaans, en we besluiten om bij terugkomst bij het hotel meteen door te rijden naar de meren. Daar zijn we tenslotte voor gekomen. Over een smalle weggetjes vol haarspeldbochten rijden we bijna 1000 meter omhoog in 14 kilometer. Een gemiddelde stijging van 6,87%. Sommige stukken zijn 15%. Er rijden heel wat fietsers; ook veel auto’s trouwens. Af en toe moeten we tussen de koeien door laveren, die midden op de weg lopen.
Lago EnolHet is in één woord een geweldige weg. Prachtig zicht op de bergtoppen, hele geel gekleurde velden op de voorgrond (geel van een soort brem), blauwe lucht, zonnetje erbij. Fantastisch. We parkeren de auto en lopen het laatste stuk omhoog. Aan beide kanten zien we de meren Lago de Enol en Lago de la Ercina liggen. Gele en groene planten op de voorgrond, grazende koeien, geiten en schapen, het geklingel van hun bellen, de weerspiegelende meren, de bergtoppen met een paar wolkjes, de blauwe lucht en de roofvogels. Het is een graad of 24. We gaan in het gras zitten genieten. Het is er zó mooi.
Wat hebben we hier een mazzel; het schijnt hier heel vaak mistig te zijn.
We zien auto's af en aan rijden en boven op de rand zijn best veel mensen, maar als je een paar meter door loopt, heb je daar helemaal geen last van.
Bij gebrek aan wat anders, eten we 's avonds in het restaurant van het hotel, dat enorm groot is. Het heeft slechts tien kamers en moet het waarschijnlijk hebben van de dagjesmensen die koffie drinken en lunchen. Het is verrassend druk. Een man of vijftig zit er wel. De prijzen zijn wat hoger dan we gewend zijn, maar de porties zijn enorm groot. Qua verhouding is de prijs dan weer niet duur. Martijn krijgt een entrecote ter grootte van een voetzool maat vijftig. Het smaakt prima.

Zaterdag 10 septemberNaar Esposende (Portugal)
Puente Romano in Cangas de OnisVandaag rijden we naar Esposende in Portugal. Het ligt aan de kust vijftig kilometer boven Porto. We nemen de kustweg in het noorden van Spanje.
Het is mistig. Als we zitten te ontbijten (net zulke grote porties als het diner van gisteren), trekt het heel langzaam open. We vertrekken goed 9:00 uur. De eerste stop is in Cangas de Onis bij de Puente Romano, een 13de eeuwse Romeinse brug. Onder de boog hangt het Kruis van de Overwinning, het symbool van het vorstendom.
Dan rijden we over een kleine, maar prachtige weg naar de kust. In de ene vallei hangt mist waar wat bergtoppen boven uit steken, in de volgende vallei schijnt de zon volop. We stoppen een paar keer voor de geweldige uitzichten.
Daarna gaan we over de snelweg. Saai, maar het schiet wel op. In de buurt van A Coruña regent het en is het nog maar 20°. Van de grens Spanje-Portugal is helemaal niets te merken. Enkel een bord van de Europese Unie. Wel schijnt hier de zon en is het 27°. Het is hier één uur vroeger.
Alle buitenlandse auto's moeten hier een kaartje uit een automaat halen, zodat de tolwegen via de creditcard automatisch verrekend kunnen worden. Op ons bonnetje staat het kenteken van de auto voor ons. Dat is lekker!
Bij de Ponte de Lima is het zo druk (omdat het zaterdag is?), dat we omkeren en verder rijden naar Esposende. We hebben een hele villa voor zes personen gehuurd. Met een privézwembad. Lekker. Nadeel is, dat alle genoemde restaurants in de buurt gesloten zijn. We wandelen langs de zee en vinden wel wat kale barretjes, die overdag open zijn. We drinken een biertje in een strandtent: € 1,40 per flesje. We zien veel surfers die de branding proberen te breken. Het lukt niemand.
We proberen via de website van het tolbonnetje het kenteken te wijzigen. De site is in het Portugees, terwijl waarschijnlijk niemand van de gebruikers (deze is immers voor buitenlandse auto's!) Portugees spreekt. Er is wel een Engelse vertaling, maar daar missen hele stukken tekst. Je zou in kunnen loggen, maar waarmee dan? Je kunt nergens iets aanmaken. Wij zouden vroeger een programma, dat niet werkt, niet hoeven op te leveren!
Naar het centrum van het dorp is het een klein half uur lopen. Wel te doen. Als we 'avonds daar naar toe lopen, is de bewolking afgezakt en is het dus mistig. We vinden een druk restaurant en moeten even wachten op een tafeltje. Hele families inclusief kleine kinderen zijn uit eten. We bestellen bacalhau voor twee personen. Dat kost € 19,90. Niet p.p., maar met z'n tweeën. Een glas tapbier van 50 cl. kost € 2. Er komt me een schaal eten. Nou kunnen wij heel wat wegstouwen, maar dit lukt echt niet. We denken, dat een schaal voor één persoon ook meer dan genoeg zou zijn geweest.
Terug naar huis vinden we nog wat gezellige pleinen met terrassen.
Het is nog steeds mistig en we horen de hele nacht de misthoorn.


Zondag 11 septemberEsposende
's Morgens nog mist, 's middags breekt de zon door.
We draaien eerst een wasje; een voordeel van een heel huis is de wasmachine. Wel lekker om alle kleren weer fris te hebben.
Huis in EsposendeWe wandelen door het dorp, vinden nieuwe restaurants en terrasjes en komen op het centrale plein. Een groot deel is afgezet voor de finish van een wedstrijd van hardlopers. Veel mensen zijn aan het rennen met een kaart in de hand. Het blijkt een oriëntatieloop op snelheid te zijn.
We drinken koffie, slenteren verder, drinken koffie, kijken naar een zeilboot in een fontein, knap gemaakt met waterstralen, doen boodschappen en zitten 's middags bij het zwembad. Lekker. Het is gelukkig niet zo warm. Perfect. Maar dat duurt niet zo lang. Al snel verdwijnt de zon en soms voelen we een wolk langs trekken. De temperatuur blijft begin 20°.
We eten 's avonds in een klein tentje. Er is verder niemand en er is alleen nog caldeireida, een soort bouillabaisse. Het vlees is 's middags tijdens de lunch helemaal uitverkocht. We vragen ons nog steeds af of de mensen hier twee keer per dag uit eten gaan, want in veel restaurants in het 's avonds ook druk met Portugezen. We eten overheerlijk en gelukkig niet zo copieus als andere dagen. Op de terugweg zien we nog meer mogelijkheden voor morgen.

Maandag 12 septemberEsposende - Viana do Castelo - Braga
Eerst maar even bellen over het bonnetje van de tolwegen. Dat wordt simpel omgezet.
We gaan vandaag wat in de omgeving toeren. Het weer is goed. De mist is opgelost, de zon schijnt en het is begin 20°. Lekker.
Viana do CasteloWe blijven in de provincie Minho. Eerst rijden we naar het noorden naar Viana do Castelo. Op de routeplanner hebben we de tolwegen uitgeschakeld, zodat we over kleine wegen rijden. We vinden gemakkelijk een parkeerplaats en lopen door het centrum. We zien mooie pleinen, kerken, huizen, smalle straten met balkons. Het is niet groot, maar wel mooi. Aan de waterkant drinken we koffie. €0,65 per kop!
Dan proberen we Ponte de Lima opnieuw. Het is er nu lang niet zo druk. Ook hier vinden we snel een parkeerplaats en lopen het centrum in om de brug te zien. Maar wat een poppenkast. De waterkant is één grote markt annex kermis. Er staan talloze caravans met grote plastic zeilen van de exploitanten. Het ziet er niet uit. De plaats heeft mooie gebouwen, maar die zie je niet door alle kramen die zijn opgebouwd. Jammer. De brug is wel aardig, maar eigenlijk niet de moeite waard om om te rijden.
We rijden verder naar Braga. We zetten de auto in een parkeergarage midden in het centrum (kosten €1,80 voor anderhalf uur) en wandelen door de oude binnenstad. Er staan een hoop kerken en het was vroeger dan ook het centrum van de religie. Er zijn veel pleinen met terrassen, het is gezellig druk, veel gebouwen zijn voorzien van gekleurde tegeltjes, met name het Palácia do Raio is wel heel mooi blauw, veel tuinen met bloemen. We slenteren lekker rond, drinken koffie op een terras (€ 4,20 voor twee koffie en twee broodjes). Het weer is heerlijk. Overwegend zonnig, 26°, geen wind. Van ons mag het zo blijven.
Palácio do Raio in BragaHet is weer genoeg voor vandaag en we rijden terug naar ons huis is Esposende.
We eten in het centrum en zijn er ondertussen achter, dat je met z'n tweeën 'één doze' moet bestellen, één portie voor twee personen. Dat is meer dan genoeg. Een fles huiswijn kost € 7. De voorgerechtjes worden neer gezet, brood en olijven, en als je die eet, moet je ze betalen. Samen zijn we weer € 30 kwijt.

Dinsdag 13 septemberEsposende
Het regent 's nachts. Behoorlijk hard. Als we beneden komen, moeten we eerst de vloer van de kamer dweilen. Nee, we hebben geen raam open laten staan, maar het water is gewoon onder de deur naar binnen gekomen. Het waait ook nogal. En de zon schijnt. We halen verse broodjes voor € 0,10 het stuk, beleggen ze met Spaanse cabrales-kaas en Portugese ham voor het ontbijt en eten die aan de rand van het zwembad op. Wat wil een mens nog meer.
We hadden een plan gemaakt voor vandaag, maar besluiten dat te veranderen. Hier dicht aan zee is de lucht stralend blauw, slechts een klein stukje landinwaarts zien we donkere dreigende wolken in rap tempo voorbij trekken. Waarom zouden we het slechte weer opzoeken? We blijven lekker bij ons zwembad.
We doen vandaag niet veel. Lekker luieren. De hele dag blijft het weer hetzelfde. Het is net een lekkere temperatuur. Niet te warm.
Tussen de middag hetzelfde verhaal als het ontbijt.
EsposendeWe maken een wandeling door het dorp en langs zee en zien overal de rode vlag wapperen, als teken om niet in zee te gaan zwemmen. Dat doen we dan maar in ons eigen zwembad... Het strand is, ondanks de mooie temperatuur, verlaten. Er lopen wat mensen met honden, maar dat is het wel. Geen zonaanbidders.
Als we 's avonds naar het centrum wandelen om te gaan eten, zien we een prachtige zonsondergang. Een van de mooiere ooit.
We eten in een restaurant, waar verdorie, de pasta carbonara een stuk lekkerder is dan die van mij. En die is altijd al heel lekker. Ik moet maar eens op zoek gaan naar een recept, dat er op lijkt.

Woensdag 14 septemberEsposende
Het weerbericht voorziet regen, wolken en 14°. Het is zonnig, blauwe lucht en in de zon voelt het als 25°. In de schaduw is het wel fris, maar wij zitten in de zon. De wolken zitten net als gisteren boven het land.
EsposendeWe besluiten om ook vandaag niets te doen. Tenslotte hebben we vakantie. We draaien nog een wasje, zetten de vaatwasser aan en gaan in de zon bij het zwembad zitten met ons ontbijt.
Tegen twaalven gaan we in een strandtent koffie drinken. De rode vlag wappert nog steeds. Men heeft hier heel grappige strandtentjes te huur. Niet dat daar veel gebruik van wordt gemaakt. Ook vandaag geen zonaanbidders.
We nemen nog een tweede bakje koffie en we vragen ons af of de rekening (vier koffie) onder de € 5 zal blijven. En dat is het: slechts € 2,80 hoeven we te betalen.
's Middags is het wat bewolkter, maar de temperatuur is goed genoeg om bij het zwembad te blijven zitten.
Het verkeer in Portugal is niet zo gedisciplineerd. Men stopt wel voor voetgangers op het zebrapad, maar geeft geen richting aan (vooral niet op rotondes), men rijdt te hard. Een lesauto valt op vanwege snelheid (gewoon zoals het zou moeten).

Donderdag 15 septemberNaar Porto via Guimarães
De eerste dag met slecht weer. Het is frisjes en bewolkt.
GuimarãesOp weg naar Porto rijden we via Guimarães. Een leuke plaats, alleen begint het al snel te regenen. Even lopen we nog door, maar zo is er geen lol aan. We gaan koffie drinken in de hoop, dat het weer opknapt. Overal hebben ze lekkere koffie. Dat is dan wel weer prettig. Het klaart niet op en we houden het voor gezien. We rijden naar het vliegveld van Porto, waar we onze auto voor de komende vijf dagen willen parkeren. In Porto zelf is dat duur en met de metro zijn we voor € 2,30 (retour) in een half uur in de stad.
We verblijven hier vijf dagen samen met zes vrienden. Op het vliegveld lopen we Loek, Els, Wout en Ria tegen het lijf die zojuist met het vliegtuig zijn geland. Petra en Mark komen net als wij met de auto. Die komen iets later en met z' n zessen gaan we eerst een hapje eten. We zitten midden in het centrum en hebben een groot appartement met vier slaapkamers en vijf badkamers. Dicht bij liggen heel wat terrasjes en we gaan onder een witte parasol zitten. Het miezert nog wat en warm is het ook niet. Maar het broodje ham en de halve liter bier smaken prima.
's Avonds eten we in een door ons uitgekozen restaurant. Elke dag kiest een ander stel. Een goede keus. Het is wat duurder dan de afgelopen dagen, maar voor € 20 p.p. wordt er gegeten en gedronken. In het appartement nemen we nog een afzakkertje.

Vrijdag 16 septemberPorto
PortoHet weer is opgeknapt: droog, zonnig, begin 20°. Lekker.
Zoals altijd als we met de Schavuiten-vrienden een stedentrip maken, ontbijten we gezamenlijk, brengen de dag alleen door en borrelen en eten 's avonds weer met z'n allen.
Wij beginnen aan de waterkant, want Loek en Els hebben daar de bark Europa zien liggen, de Nederlandse driemaster waarmee wij elf jaar geleden mee naar Antarctica zijn geweest. Grappig.
We lopen de brug over en flaneren langs de waterkant. De stad ziet er prachtig uit. Praça da Ribeira in PortoWe bekijken de verschillende porthuizen en maken onze keus voor de geplande proeverij die morgen op ons programma staat. Daarna dwalen we door de stad, veel trappen, smalle straatjes, terrasjes, winkeltjes. Het gaat omhoog en omlaag. Het treinstation Bento is van binnen een bezoek waard.
Er zijn prachtige met blauwe steentjes ingelegde kerken. Zelfs van binnen zijn ze blauw. Heel mooi.
Er zijn veel toeristen, maar dat is niet hinderlijk. Af en toe zitten we op een terrasje, lunchen, drinken koffie, bier en natuurlijk port. Telkens komen we Loek en Els tegen op hetzelfde terras. Onder de witte parasols.
We vergelijken de prijzen van het bier. Kleintje bier kost € 2, groot bier € 4. In een kleine zit 33 cl, in een grote 50 cl! Wij drinken dus alleen nog maar kleintjes.

Zaterdag 17 septemberPorto
PortoEerst gaan we met z'n allen naar de overkant. Gisteren hebben we bij Ferreira-port een folder gekregen over een boottocht. Ondanks dat daar vermeld staat, dat die boot dagelijks vaart, is er geen boot te zien. De rondleiding annex proeverij lukt ook niet. Ze hebben vandaag alleen een toer met slechts twee porten om te proeven. Dat kunnen we net zo goed zelf op 'ons' terras. Daar laten ze ons inderdaad gewoon verschillende porten proberen.
We dwalen weer; eigenlijk hetzelfde verhaal als gisteren. Mooie tegelwerken en -huizen. Veel trappen. Zeker in de toren van Clérigos. De trap is erg smal en het is af en toe lastig passeren. Prachtig uitzicht boven.
We borrelen weer met Loek en Els bij bar Cris. We krijgen hier gratis chips en olijven bij de drankjes. Vaak moet je in Portugal de hapjes die je voor het eten in restaurants krijgt, betalen (als je ze op eet).

Zondag 18 septemberPorto
Er lopen duizenden mensen door de afgezette straten. Grote groepen met rode shirtjes wandelen. Er doet van alles mee: kinderen, rolstoelen, kinderwagens. Er is ook een grote groep hardlopende mensen die de halve marathon loopt. Ze treffen het niet met het weer, want het is vandaag een erg warme dag zonder wind. Brandwarm.
Nog een dagje slenteren, nog meer kerken, smalle steegjes, terrasjes.
Gezellige stad is het.


Maandag 19 septemberNaar Zamora (Spanje)
Na het ontbijt pakken we onze spullen, nemen we afscheid van de Schavuiten en gaan met de metro naar het vliegveld om onze auto op te halen. We hebben nog kaartjes en treffen het met een snelle verbinding. Kosten voor het parkeren is € 26 voor 4x 24 uur.
Dan vertrekken we naar Spanje. We hebben een hotel in Zamora geboekt voor vanavond. Daarna zien we wel weer.
PinhãoWe rijden via Pinhão aan de Douro. Vanaf Sabrosa is het een mooie weg met veel bochten. We hebben prachtig uitzicht op de vallei met z'n vele druivenstokken, die vol hangen met witte en blauwe druiven. Overal staan qinta's, wijn- en of porthuizen. De weg is erg rustig.
In Pinhão parkeren we de auto en wandelen het dorp door. Er ligt een oude Romeinse brug. Het is er heel rustig en na een francesinha (Portugese sandwich), een broodje tonijn en twee cola gaan we weer verder. We merken aan de prijs, dat we de grote stad uit zijn. We zijn voor de lunch € 8,60 kwijt.
We zien nergens druivenplukkers of plukmachines, maar wel veel vrachtwagens met grote bakken vol met druiven.
De grensovergang is, net als op de heenweg, alleen herkenbaar aan het blauwe bord van de Europese Unie met daarop España. De weg wordt nog rustiger. Er rijdt bijna niemand.
Zamora is een onverwacht mooie plaats. We hebben er nog nooit van gehoord en gisterenavond op goed geluk een hotel geprikt, puur omdat deze op de route ligt en we daar aan het eind van de middag aan zullen komen.
Ons hotel ligt aan de rand van het centrum en we kunnen gratis parkeren. Men spreekt hier geen Engels. Zamora is een oude vestingstad waarvan de muren, het fort en de kathedraal bewaard zijn gebleven. Watermolens in ZamoraKathedraal in ZamoraWe wandelen er heen en zien de mooie kathedraal. We zien water glinsteren, lopen naar de rivier de Douro en zien een hele brede oude Romeinse brug die prachtig in het water weerspiegelt. Aan de rand van de rivier zien we een paar huisjes met kruizen op de top. We lopen er nieuwsgierig heen. Het blijken Aceñas de Olivares, watermolens uit de 15de eeuw te zien. De houten raderen zijn nog aanwezig. Ook deze weerspiegelen mooi in het water. Op het centrale plein drinken we een biertje op een van de vele terrassen. Het is er gezellig druk met grote groepen bustoeristen (op een ander terras) en veel plaatselijke bevolking. Het is er iets frisser dan we gewend zijn de afgelopen weken, maar met een vest kun je prima buiten zitten.
We willen tapas eten en gaan op zoek. De tweede tent die we bezoeken is erg leuk. Iedereen, allemaal plaatselijke bevolking, eet hier saté. Grote satés aan een metalen prikker. Wij ook. Het is erg lekker en goedkoop. Twee satés, bloedworst met appel en vier bier voor € 8,50.

Dinsdag 20 septemberNaar Ezcaray
Tijdens het uitstekende ontbijtbuffet besluiten we om een nacht in Ezcaray, in de rioja-streek te boeken.
Het is bewolkt en slechts 13° buiten! Dat is even wennen.
Het in 300 kilometer rijden en die gaat over de grote, stille autoweg. Beetje saai landschap.
We zien veel gele, droge velden met net gemaakte strobalen. Enorme pakken zien we overal liggen. En enkel veld met late zonnebloemen.
Bij Burgos gaan we de snelweg af en zoeken kleine rustige wegen op. Nu komen we door piepkleine pittoreske dorpjes met schattige huisjes.
Het weer wordt niet echt veel beter. Af en toe zon, maar fris blijft het.
EzcarayZo mooi en leuk als gisteren Zamora was, zo levenloos is Ezcaray. Op de vele foto's die we er van gezien hebben, zag het plein in het centrum er erg gezellig uit. Het is een stuk kleiner dan het lijkt en het is leeg. De meeste tentjes zijn gesloten. We zien een enkele verdwaalde toerist. Er zijn wel heel veel hotels en appartementen voor al die niet aanwezige toeristen.
We gaan lunchen in een leuke tent en eten eigenlijk te veel. 's Avonds hebben we niet echt honger meer en we besluiten om de supermarkt met een bezoek te vereren. We kopen kaas, ham, zalm, brood en wijn en eten dat in het appartement op. We besluiten tevens om het hier in de buurt voor gezien te houden en morgen naar Frankrijk te gaan. We willen twee nachten in Tours blijven, maar uiteindelijk wordt het één nacht in Saint Patrice en één nacht Blois. Dan hebben we een dag te tijd om de kastelen in de Loire-streek te bezoeken. We hebben wel eerst gekeken hoe het weer daar is: een graad of 24 en in ieder geval droog.

Woensdag 21 septemberNaar Saint Patrice (Frankrijk)
Om 9:00 uur vertrekken we. Het is zonnig, maar frisjes, 4°, maar na een kilometer of twintig wordt het mistig.
We zitten in de rioja-streek en overal zien wij druivenboomgaarden met kleine wijnhuizen daarop. De druiven schijnen net voor de pluk koude nachten nodig te hebben. Dan zit het dit jaar wel goed.
Na een lange tunnel schijnt de zon ineens weer en de temperatuur loopt op naar 23°. Dat blijft het de rest van de dag. Het is in Frankrijk drukker op de weg dan in Portugal en Spanje. Veel vrachtverkeer, vooral in de buurt van grote steden. Maar we kunnen overal door rijden.
Tegen half zes komen we in Saint Patrice aan. Het b&b Le Clos des Bérengeries is prachtig. We hebben een hele ruime kamer, te bereiken via een buitentrap en er is een grote tuin. Het dorpje is vrij klein. Het restaurant dat op Google staat, is gesloten. We zouden wel kunnen eten bij Chãteau de Rochecotte, maar dat is veel te duur naar onze zin. In Saint-Michel-sur-Loire, vijf kilometer verderop. kunnen we wel eten. En dat doen we dan ook. Het is er vrij druk en ons valt vooral het aantal alleenstaande mannen op. Wat moeten die hier?
Terug op de kamer drinken we de fles witte wijn op, die we uit Porto hebben meegenomen.

Donderdag 22 septemberNaar Blois
Château Rigny-Ussé Château ChenonceauGisteren hebben we een selectie gemaakt van de mooiste kastelen in de buurt. Vandaag rijden we naar Blois, slechts 110 kilometer verderop met de bedoeling onderweg een aantal kastelen te bekijken cq bezoeken. We beginnen in Langeais, slechts 19 kilometer verderop. Het château staat midden in het dorp. We lopen de ophaalbrug over en bekijken de achterkant en de tuin.
Het kasteel in Rigny-Ussé spiegelt in de rivier de Indre. Mooie brug ervoor en wat groene bomen: een prachtig plaatje. We gaan naar binnen. Het kasteel heeft veel torens en in één daarvan slaapt Doornroosje. Vooral mooi om te zien zijn de vele kleine kamers, smalle gangen, vele trappen, de oude rommelzolder. Verschillende kamers zijn ingericht met poppen in klederdracht uit de hoogtijdagen. Ook zijn er een kerk, paardentuig, koetsen en een mooie tuin.
Het kasteel van Azay-le-Rideau heeft grote grachten om het gebouw, zodat het mooi weerspiegelt. Alleen jammer, dat het helemaal in de steigers staat. Dus gaan we niet naar binnen.
Villandry staat bekend als het kasteel met de mooie tuinen. Tussen de bomen door werpen we een blik op het château en geloven het wel. We gaan voor het bekendste en tevens mooiste kasteel (zegt men): Château Chenonceau. Het is heel apart, omdat het gebouwd is over de rivier de Cher. De Italiaanse Catharina de Medici (ooit koningin van Frankrijk) heeft hier ooit nog eens gewoond. Het is er vrij druk en als we de grote groepen vermijden, is het goed te doen. Indrukwekkend.
BloisOns hotel in Blois staat zo dicht bij het Château Royal de Blois, dat we onze auto daar in de parkeergarage zetten. We lopen het centrum in, richting Loire. Maar op het eerste het beste terras drinken we eerst een biertje. We eindigen de reis zoals we begonnen zijn: met een Grimbergen. Van achter de huizen stijgen twee luchtballonnen op. Als we over de brug naar de overkant van de rivier lopen, hangt er eentje net boven de kathedraal. Ook hier spiegelt alles mooi in de rivier. Aan de andere kant van de brug zien we mooie kleurende wolken achter de St. Nicolas-kerktorens. Een mooie afsluiting van de vakantie.

Vrijdag 23 septemberNaar huis
Het is nog 650 kilometer naar huis.
We hebben drie weken mooi weer gehad en slechts één dag slecht.
Totaal hebben we 5.830 kilometer gereden.

De reis hebben we zelf via Internet geregeld.