Azië

Zaterdag 17 augustusWandeling, naar Kandangan, Balikpapan

Het is bevrijdingsdag. Overal, maar dan ook overal, hangen vlaggen. Er worden veel parades gehouden. Wij zien er niet zoveel van, omdat we een lange busrit (de enige in deze vakantie) moeten maken naar Balikpapan. Onderweg zien we veel kinderen die op weg zijn naar die parades.
Vanwege bevrijdingsdag, is het rustig op de weg, waardoor we goed kunnen opschieten. De chauffeur heeft er goed de sloffen in en met tegenliggers is het vaak rakelings passeren.
In mei/juni van dat jaar is in dit gebied een grote overstroming geweest en zijn alle grote rivieren buiten de oevers getreden. Het gevolg daarvan is, dat veel bruggen helemaal weggeslagen zijn. Men heeft noodbruggen gemaakt, die uit niet veel meer bestaan dan aan elkaar vastgemaakte balken, waar de gaten door komen. Gelukkig redden we het zonder ongelukken. Het water dat op Borneo door de rivieren stroomt, is puur afkomstig van regenwater. Op het hele eiland is geen bron aanwezig.
Het laatste uur moeten we met de pont de Mahakanrivier over om Balikpapan en ons hotel te bereiken.
's Avonds gaan we met z'n allen naar een goede Chinees en dan naar het luxueuste hotel in de stad (US$ 120 p.p.p.n.) om cocktails te drinken. Die cocktails zijn erg lekker, maar de liveband is zo slecht, dat we snel terug naar ons hotel gaan en naar bed. We zijn gaar na zo'n negen uur bussen.

Zondag 18 augustusNaar Tenggarong, boot naar Dayaks

Steun van een longhouseOm 8:00 uur vertrekken met de bus naar Tenggarong, waar we het museum bekijken, dat wel de moeite waard is.
Vervolgens stappen we op de boot, ons 'thuis' voor de komende vijf dagen. Veel herrie, da's wel jammer, maar aan de andere kant heb je niet zoveel last van de hitte door de constante wind. Het oerwoud in Borneo is haast helemaal verdwenen door houtkap. Ook nu nog worden veel bomen omgekapt, waardoor de vruchtbare grond wegspoelt en er niets meer wil groeien. In Jakarta is wel bepaald, dat men voor elke gekapte boom een nieuwe moet planten, maar dat gebeurt nauwelijks. Er is geen controle.
We zitten lekker op het dak, drinken thee en koffie en luieren verder. Peter stoot de eerste de beste keer, dat hij naar boven wil een groot gat in z'n hoofd. We moeten daarom op zoek naar een dokter. We leggen bij een gehucht aan en hier weet men te vertellen, dat er in het volgende dorp een dokter is. Hopelijk is hij niet voor een paar dagen de bush ingetrokken. Dat is niet het geval en z'n hoofd wordt vakkundig gehecht. 's Nachts slapen we aan boord met veel herrie, want de boot vaart gewoon door.

Maandag 19 augustusBoot naar Dayaks

De hele dag varen. Al snel blijkt, dat het water zo laag staat, dat we met die boot er niet door zullen kunnen. We moeten overstappen op een kleinere boot en mogen alleen het hoognodige meenemen, omdat we misschien in een nog kleinere zouden moeten. Alles gaat voortvarend tot 's avonds 21:00 uur. We komen bij een stroomversnelling en hoe vaak de schipper het ook probeert, we komen er niet door. Iedereen uitstappen. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Er zijn namelijk grote rotsen langs de kant en die zijn behoorlijk steil. Bovenaan blijven we staan om te kijken of de boot het nu wel zal redden. En jawel, bij de tweede poging lukt het. Nu moet iedereen in het donker zo'n honderd meter over de rotsen klauteren. Het is prettig, dat de maan schijnt. Dat maakt het wat makkelijker. Uiteindelijk komen we 's avonds om 23:00 uur bij het dorpje Longnah aan. Het is te laat om de mensen nog lastig te vallen en daarom slapen we maar weer aan boord. Wel rustig deze keer, want we liggen stil.

Dinsdag 20 augustusBoot naar Dayaks

DayakNa het ontbijt brengen we een bezoek aan het stamhoofd van het dorp. Hij heet ons welkom en vervolgens kunnen we rustig door het dorp wandelen. Veel kinderen zijn bang van ons. Toeristen zien ze er nauwelijks.
Er zijn wel veel mensen, vrouwen èn mannen, met lange oorlellen, soms tot op de schouders. Het is een vreselijk gek gezicht. Verschillende (oudere) Dayaks zijn helemaal getatoeëerd. Door de missionarissen is verteld, dat dat allemaal erg barbaars is en daarom laten velen nu hun oorlellen afsnijden, naaien ze weer tegen elkaar en men ziet er nauwelijks nog iets van. Ze vinden het vreselijk jammer, dat ze hun tatoeages niet weg kunnen laten halen. In Jakarta heeft men bepaald, dat longhouses (balais) vies en onhygiënisch zijn, zodat deze plaats hebben gemaakt voor eengezinswoningen. Over een paar jaar is er niets meer van de hele Dayakcultuur over. Zonde!
Vervolgens varen we naar een volgend dorpje. Hier wandelen we ook, maar het is er vrij stil, omdat iedereen op het land bezig is. DraagmandVroeg in de avond gaan we naar het eerste dorp terug, waar 's avonds ceremonies voor ons gehouden worden. Men voert, helemaal in feestkleding, verschillende dansen voor ons op. Een mooi gezicht. De laatste dans moeten we meedoen. We overnachten in het huis van het stamhoofd. Voor ons is de temperatuur om middernacht net lekker (20º), maar de bevolking vindt het koud. Men doet dan ook alle ramen en deuren potdicht. 't Is er om te stikken. Gelukkig slapen wij net onder een raampje, dat we open zetten.

Woensdag 21 augustusBoot naar Dayaks

Na het ontbijt vertrekken we weer naar Balikpapan. Omdat we nu met de stroom meevaren, gaat het een stuk sneller. 's Middags stappen we al over op onze 'oude' boot. Wat een ruimte hebben we ineens. En stoelen, een mandibak, een wc. Wat een luxe.
Het water is, vergeleken met de dag van vertrek alweer dertig centimeter gedaald. We horen 's nachts de boot regelmatig over de bodem schuren. Hij is zelfs lek geslagen en er wordt regelmatig gehoosd.

Donderdag 22 augustusBoot naar Dayaks, naar Balikpapan

Door het schuren is de krukas ontzet geraakt, waardoor we maar langzaam kunnen varen. In plaats van de laatste geplande drie uur, doen we er zes uur over. We doden de tijd met lezen boven op het dak.
Eenmaal in Tenggarong bezoeken we een gemeenschapshuis. Alles is nieuw geschilderd, waarschijnlijk voor een feest volgende maand. Het doet een beetje kitscherig aan.
Op de terugweg naar Balikpapan stoppen we even in het afgebrande bos. In 1982 is op Borneo een gebied ter grootte van Nederland helemaal afgebrand. Het heeft een jaar geduurd, voordat de brand onder controle was. Die ging namelijk ondergronds verder. Waarschijnlijk is het de schuld van de regering, die rücksichtslos het oerwoud heeft laten kappen. Een klein stukje overgebleven primair oerwoud midden in het gebied, is wel bewaard gebleven. Nu is men zover, dat men langzamerhand alles aan het herplanten is. Maar een echt oerwoud zal het wel nooit meer worden.
's Avonds terug in het hotel pakken we alles uit en weer opnieuw in. Wat hebben we toch een zooi.

Vrijdag 23 augustusNaar Ujung Padang (Sulawesi)

Lia's verjaardag. Vijfendertig wordt ze.
's Morgens om 8:00 uur vertrekken naar Ujung Padang op Sulawesi met een Fokker-27. Die vliegt erg laag, zodat je veel kunt zien. Daarna gaan we met een bemo met z'n allen naar het postkantoor om geld te wisselen, kaarten te kopen en de stad te verkennen. Meteen krijgen we weer last van alle mensen die je per se iets willen verkopen of je in een betjah willen hebben. Je merkt meteen, dat het veel toeristischer is.
We hebben fort Rotterdam bezocht, een oud Nederlands fort uit de VOC-tijd. Men is hard bezig om het te restaureren. Vervolgens slenteren we uitgebreid door de Chinese buurt, waar we veel tempeltjes binnen gaan. Iedereen is er erg vriendelijk. We mogen overal rondkijken en foto's maken. We eten bij een Indiaas restaurant: kipsaté en geitencurry. Erg lekker.
's Avonds bekijken we de eerste zeven rolletjes foto's die we eerder die middag hebben laten ontwikkelen (erg goedkoop) en schrijven ansichtkaarten. En we drinken een biertje op Lia's verjaardag.
In Ujung Padang zullen we het enige hotel van de reis met een warme douche hebben. De rest is koud, maar met het warme weer, is dat eigenlijk helemaal geen probleem.

Zaterdag 24 augustusNaar Ambon-stad (Ambon)

Weer vroeg op, want om 9:00 uur vertrekt ons vliegtuig naar Ambon. We vliegen met een Fokker-28, die wat sneller gaat en we zullen er even lang over doen als van Balikpapan naar Ujung Padang hoewel het verder weg is. Tijdens het vliegen bekijkt iedereen onze foto's.
's Middags verkennen we Ambon-stad. Wat is het hier verschrikkelijk druk. Het is duidelijk, dat er een of andere optocht moet komen. Drommen mensen, zes, zeven rijen dik. Alleen hoe laat? Dat kan iedereen ons vertellen, maar niemand zegt hetzelfde. Ondertussen gaan we naar de markt en kijken wat rond, terwijl we weer heel openlijk worden uitgelachen. Vooral Martijn, vanwege zijn lengte. Eindelijk begint om 17:00 uur de optocht. 't Is waarschijnlijk nog voor de nationale feestdag, maar helemaal duidelijk is dat niet. Het zijn allemaal een soort voorlichtingswagens: het ziekenhuis, de bank, de electriciteitsmij, het leger, het postkantoor enz. enz. Wel grappig.
's Avonds geven we een rondje voor Lia's verjaardag en gaan lekker met z'n allen bij de 'buren' eten.