Azië

Zuid-India

4 t/m 28 november 2015

ZUID-INDIA is landelijk in vergelijking met de hectische steden in het noorden. We bezoeken kleurrijke markten, tempelsteden vol pelgrims, thee- en specerijplantages, de idyllische backwaters en steden met vergane glorie.

Tempel

 

Route

Woensdag 4 november Naar Bangalore
We vertrekken vandaag voor ruim drie weken naar Zuid-India. Aanleiding is de Joomla Wereld Conferentie, die Martijn wel eens zou willen bezoeken, in Bangalore. Daarom zijn we op zoek gegaan naar een mogelijke rondreis. We zijn al vijf keer eerder in India geweest, maar nog nooit in het zuiden. Toen onze vriendin Petra dat hoorde, wilde zij heel graag mee. We hebben een reis uitgezet door de provincies Karnataka, Kerala en Tamil Nadu en hebben deze door Dimsum laten organiseren.
Rond het middaguur vliegen we met de KLM eerst naar New Delhi, waar we om 24:00 uur plaatselijke tijd (4,5 uur tijdsverschil) aankomen. Op Schiphol vernemen we, dat Sander op zijn vlucht, via Londen, zit te wachten. Martijn zoekt hem even op. Grappig.
We hebben thuis elektronische visa aangevraagd en gaan in New Delhi in de desbetreffende rij staan. De rij is niet zo heel lang, maar de wachttijd wel. Van iedereen wordt een foto en vingerafdrukken gemaakt. Het duurt een hele poos, maar omdat we toch een paar uur moeten wachten op de aansluitende vlucht naar Bangalore, maakt het ons niet veel uit. We halen de bagage op en droppen die bij het incheckpunt voor de lokale vluchten. Dat duurt pas echt lang. Er staat maar één iemand voor ons, maar het schiet niet op. Geen idee wat ze doen, maar efficiënt is het zeker niet.
Het vliegveld is zeer modern en ziet er mooi uit. Ook ’s nachts zijn er talloze winkels en cafés open.

Donderdag 5 november Naar Bangalore
Om 10:00 uur ’s morgens komen we in Bangalore aan oftewel Bengeluru zoals men hier zegt. Het is een graad of 25. Lekkere temperatuur, niet te vochtig.
We zoeken naar een bordje met onze naam tussen alle afhalers, maar zien niets. Het blijkt een misverstand. De mevrouw van de reisorganisatie regelt dat iemand van het Sheraton Hotel, waar veel Joomlers zullen verblijven en wij dus ook, een taxi voor ons regelt. Het is druk op de weg en zeer chaotisch. Op een weg van drie banen, rijdt men vijf auto’s dik. Iedereen frommelt zich overal tussen door. Een beetje toeteren en dan lukt dat wel. Het ziet er schoon uit voor een Indiase stad. Overal lopen koeien, maar gelukkig niet op de weg. We zien de eerste kleine zeer kleurrijke tempeltjes.
Bij de ingang van het hotel moet de bagageklep van de auto open voor controle en iedereen moet door een detectiepoortje. Die piept bij iedereen en iedereen kan gewoon door lopen. Beetje vreemd.
Al bij het inchecken ontmoeten we Marco die vanuit Bremen via Frankfurt is gereisd. Later ontmoeten we andere Marco (kwam via Parijs) en Sander weer. Jisse hebben we nog niet gezien. Dat zijn volgens ons de Nederlandse deelnemers aan de Joomla-conferentie. Heel leuk om die hier te ontmoeten.
JoomlaHet Sheraton Hotel is groot en luxe; niet wat we zelf uitgekozen zouden hebben voor een reis in India. Maar wat moet, dat moet. Wij hebben kamers op de hoogste, de zestiende verdieping. Iedereen zit op etage zes t/m negen. Die hebben allemaal een pasje nodig om te lift te kunnen bedienen. Omdat op onze etage een loungebar zit, die voor iedereen toegankelijk zou moeten zijn, hoeft dat niet.
We hebben een ruime kamer met een vissenkom als badkamer. Dat houdt in, dat er een groot raam is boven het bad waardoor je de kamer in kunt kijken. Of andersom natuurlijk. Het is wel leuk.
We gaan eerst even een paar uurtjes slapen om wat in te halen. Tegen zessen vertrekken we naar de kroeg om de hoek, District 6, voor een overheerlijk biertje en wijntje. Wij kiezen voor een halve liter bier, zijnde de kleinste maat. Die kost 350 roepie, ongeveer € 4,50. Het goedkoopste glas wijn kost 270 roepie, maar na één glas is die wijn op en moet Petra aan de duurdere van 515 roepie. Maar wat maakt het uit; het is vakantie, nietwaar. Wij zitten lekker buiten met voor ons een brede, afgezette stoep. Achter het hek is de straat met veel toeterend verkeer en lopende mensen. De zon gaat langzaam onder en de bomen vullen zich met luid kwetterende parkieten. Langzaam loopt de zaak helemaal vol.
Tegen negenen houden we het voor gezien en gaan slapen.

Vrijdag 6 november Bangalore
Om 8:00 uur gaan we naar beneden voor het zeer, zeer uitgebreide ontbijtbuffet. Er is eigenlijk veel te veel keus: Japanse misosoep, Chinese noedelsoep, Indiase gerechten, veel verschillende luxe brood, Franse kaas, zalm, fruit, yoghurthapjes, cornflakes. Zeer oriëntaals. We nemen het er van en zitten lekker te genieten. Martijn gaat tegen goed negen uur weg om zich in te schrijven voor de conferentie, terwijl Petra en Lia na genieten met vers fruit.
Daarna gaan we de stad in. We vragen een plattegrond van de stad bij de balie en zoeken daarop de weg naar het Tippu’s Palace, het zomerpaleis. Er is een nieuwe metro waarvan een halte dicht bij het hotel ligt en die de goede richting op gaat. Het hele station is verlaten, we moeten door een detectiepoortje, de tassen worden gecontroleerd, en wij worden, uiteraard door een dame, in een hoekje gefouilleerd met zo’n detectietang. MetroOok hier piept weer van alles en mogen we gewoon doorlopen. De borden staan in het Engels, Hindi en Kannada aangegeven. Van die laatste twee talen kun je helemaal niets lezen; het zijn vreemde krullen en strepen. Het is niet erg druk. Plaats genoeg. Overal hangen waarschuwingen: niet te dicht op elkaar gaan zitten, niet aan het glas komen, bij het uitstappen een nette rij vormen, niet dringen. De trein blijft bovengronds, zodat wij de stad goed kunnen zien. Een kaartje kost 17 roepie. Toch nog altijd een stuk duurder dan de bus. Bij de uitgang nemen we een riksja naar het paleis. We dingen af van 300 naar 175 roepie. Natuurlijk zullen we nog te veel betalen, maar dat houd je toch. We doen er een half uur over om bij het paleis te komen. Regelmatig staan we stil voor de stoplichten die erg lang op rood staan. Alle auto’s, bussen, riksja’s en brommers rijden als gekken. De riksja’s frummelen zich overal tussen en er zijn veel bijna-botsingen, maar nooit helemaal. We rijden om de bussen en auto’s heen en soms om een koe, die midden op de weg staat.
Van het Tippu's Palace bestaat nog maar een klein deel. Mooi zijn de zo typische bogen.
Het is er druk met schoolkinderen, die allemaal hetzelfde uniform dragen en allemaal blootsvoets zijn. Ze willen natuurlijk met ons op de foto en wij maken foto’s van hen. En van het paleis natuurlijk. Zij leren Engels op school; hun eigen taal is het Kannada. Er lopen ook een paar zeer kleurige meisjes in sari rond. Ook die willen met ons op de foto.
Op het kruispunt staan twee vrouwen de straat aan te vegen terwijl een politieagent met mondkapje hen beschermt tegen het langs rijdende verkeer.
Weer terug op straat worden we aangesproken door verschillende mensen die ons een riksja in willen hebben, maar wij willen de tempel naast het paleis bezoeken. Die is dicht, wordt er gezegd. Maar dat willen we dan eerst zelf wel eens even zien. En jawel hoor, hij is gewoon open. We hebben genoeg gereisd om in deze praatjes te trappen. De tempel heet Kote Sri Prasanna Venkataramana Swamy Temple. Geen naam om even zo te onthouden.
TippusPalaceWe moeten onze schoenen inleveren en krijgen daar een bonnetje voor. We zijn daar een beetje huiverig voor, want ook Petra’s schoenen zijn ooit bij een tempel in Orissa gestolen. Morgen daar maar een tasje voor meenemen. Een mooie tempel met mooi beschilderde beelden. We zien het bordje ‘geen foto’s’ te laat, maar niemand die er wat van zegt. Net voor de uitgang is een soort binnenplaats waar een groepje mensen op de grond zit te eten. Wij worden van verschillende kanten gewenkt om mee te doen. We gaan zitten en krijgen een plantenblad waarna iemand met verschillende hapjes langs komt en daar wat op legt. Vrij pittige rijst met nootjes. Lekker. Gelukkig zijn er kraantjes om onze handen daarna te wassen. Erg leuk.
We lopen naar een dichtbij zijnde markt, deels op straat, deels overdekt. Een gigantische markt met groente, fruit, kleding, noten, bergen kleurstoffen, kruiden, pannen, offerbakjes. Je kunt het zo gek niet bedenken of het is er. Erg, erg, kleurrijk. De mensen zelf zien er ook zo kleurrijk uit, de vrouwen dan. Die dragen allemaal sari's in de meest uiteenlopende kleuren. De mannen dragen saaie kleding. Die typische Indiase geur valt ook op. Het mooiste is de bloemenafdeling waar hele strengen bloemenkransen gemaakt worden. Verderop zijn losse bloemknoppen te koop. Het ruikt er heerlijk. Al die verschillende geuren. Het geschreeuw van de mensen en het getoeter op straat maakt het plaatje af. We genieten.
We proberen ergens wat te drinken, maar er is nergens iets van frisdrank te vinden. Er is geen toerist te bekennen en de mensen hier drinken het blijkbaar niet. Te duur waarschijnlijk. We proberen het bij een restaurant. Binnen ziet het er chique uit en de mensen zitten strak in het pak. We mogen het restaurant in en vinden hier een shabby eetzaal. Het past totaal niet bij elkaar.
BloemenWe willen een weg oversteken, maar in de middenberm staan allemaal hekken. Geen idee hoe aan de overkant te komen. De Indiërs blijkbaar ook niet, want velen klimmen over die hekken. Dat doen wij dan ook maar. Later zien we een onderdoorgang, maar die staat aan de andere kant niet aangegeven en blijkbaar ziet niemand die.
Even verderop vinden we bij een klein winkeltje zowaar koude cola. Bij gebrek aan stoelen gaan we op een trapje zitten, drinken de cola en kijken onze ogen uit naar alle mensen. En alle mensen kijken naar ons. Er is geen toerist te zien.
KoteSireWe willen terug lopen naar de metro en vragen naar de weg, maar daar heeft nog niemand van gehoord. Jan met de pet kent het helemaal niet; alleen een politieagent wijst ons de goede richting. Ook als we er vrij dicht bij zijn, kan niemand ons de weg vertellen. We dwalen wat rond en komen uiteindelijk toch goed terecht. Het is het eindstation van de metro en bij aankomst rijdt deze een stukje door. Er is een deel afgezet voor de uitstappers en de schoonmakers komen meteen aan boord. Binnen een minuut is iedereen uitgestapt en alles schoongemaakt en dan komt de trein onze kant op.
Tijd voor siësta in het hotel.
Lia treft Martijn nog even, die tot 19:00 uur bezig zal zijn. We spreken af in de District 6-bar.
Petra en Lia gaan eerst naar de shoppinghal tegenover het hotel. Hier is het wel heel rustig. Het is een vrij nieuw centrum, maar we vragen ons af waar men van moet leven.
De biertjes gaan weer goed, de wijn blijft problemen geven. Ze hebben wel een wijnkaart, maar het meeste hebben ze niet.
We eten bij een Italiaan, die wel wijn verkoop, maar geen bier. We drinken een Indiase chardonnay. Smaakt prima.
Weer terug in het hotel, gaan we even bij de bugs-and-fun van de Joomla-conferentie kijken. We treffen het; de bar is nog open en we mogen (gratis) mee drinken. Tot half een vermaken we ons prima met Joomlers uit allerlei verschillende landen. Gezellig.

Zaterdag 7 november Bangalore
Na het ontbijt gaan we naar een grote tempel dicht bij het hotel. Vlak daarvoor zien we veel kleurige was wapperen. We gaan dat wat dichterbij bekijken en komen bij een grote wasplaats. Verschillende mannen staan tot hun dijen in het water de was met de hand te doen. Aan de zijkant zitten grote ronde betonnen bakken met schoon water. Samen met de kleurige was geeft dat een prachtig gezicht. Een mevrouw vraagt wat wij hier komen doen; er zijn immers alleen maar mannen hard aan het werk. Het is inderdaad hard werken, maar het is wel een mooi plaatje.
Bij de tempel betalen we de toegang van 150 roepie p.p. De man achter de balie vertelt, dat je binnen niet mag fotograferen, maar buiten wel. Voordat we binnen zijn, moeten we echter onze camera’s inleveren. Daar hebben we geen zin in; we gaan terug naar de balie en krijgen ons geld terug. De man vertelt, dat je als je terugkomt van de tempel wel mag fotograferen. WasHet is een beetje vreemd en we besluiten om morgen met een kleine camera terug te komen.
We nemen weer de metro en weten hoe het ondertussen werkt. Het is vandaag een stuk drukker en er zijn opvallend veel vrouwen in de trein. We nemen weer een riksja, nu naar de MG Road. Ook nu is het soms erg druk en probeert iedereen zo snel mogelijk alles te passeren. Het is vaak weer kantje boord. De stoplichten staan wel heel lang op rood. De MG Road zou een mooie winkelstraat moeten zijn, zoals de reisgidsen vermelden. Er zitten voornamelijk souvenirwinkels waar we niet in geïnteresseerd zijn. Een man blijft ons maar vragen of we naar de markt willen. Voor slechts tien roepie wil hij ons wel brengen. Dan is die markt of heel dichtbij of er zit iets anders achter. Dat laatste blijkt het geval. Hij wil ons een souvenirwinkel in hebben, maar dat doen we niet. Hij kan nog zo veel zeuren, maar we betalen tien roepie en lopen weg. We weten niet goed waar die markt is, maar iedereen kan ons dat wijzen. We komen een paar kerken tegen: de Anglicaanse Sint Paulus, die mooi van binnen is, en de grote St. Mary's Basilica. In een zijdeel kruipen vrouwen op hun knieën over de grond naar een soort altaar. Anderen zitten in banken, sommige mensen zitten op de grond. Ook een mooie kerk van binnen.
We zijn in de moslimwijk aangekomen: er lopen veel vrouwen in zwarte chadors met slechts een spleetje open voor de ogen, mannen met baarden en witte gewaden. De markt is soms in hele smalle straatjes en er wordt van alles verkocht. Het is heel goedkoop allemaal. Het is af en toe een gedrang van jewelste en overal zoeken brommers en riksja’s al toeterend hun weg. Ook hier vinden we niets te drinken. Pas als we weer terug zijn bij de kerken, vinden we een tentje waar we even kunnen zitten.
Dan weer terug naar de metro. We zeggen nu, dat we naar Mandri Square willen in plaats van naar de metro en die weet iedereen wel te vinden.
Goed 16:00 uur zijn we weer terug. Bij de shoppinghal proberen we geld te pinnen, maar dat lukt niet. Geen idee waarom niet.
’s Avonds mogen we met de Joomlers gratis eten en drinken. Er staan grote buffetten met allerlei verschillende Indiase gerechten. Erg lekker allemaal. Het personeel komt regelmatig langs met schoteltjes met kleine hapjes. Prima geregeld. Als bier is er Kingfisher en Foster. Die laatste vinden wij niet zo lekker. We drinken liever halfkoude Kingfisher dan koude Foster. Er is een groot Joomla-logo gemaakt van cupcakes met verschillende kleuren crème bovenop. Ook is er een grote taart met een foto, die niemand durft aan te snijden. Om 22:00 uur zit Lia het mes er maar in en deelt grote stukken taart uit.
Vandaag maken we het niet laat en om 11:00 uur houden de meesten het voor gezien.
Het is een lange dag geweest.