Amerika

Dinsdag 1 novemberNaar Salta

CaracaraWe gaan weer terug naar het zuiden, naar Salta. We rijden nog een keer naar Purmamarca, omdat de zon nu beter op de bergen staat. Prachtige kleuren.
Onderweg zijn regelmatig politiecontroles. Tot nu toe mochten we altijd zo doorrijden, nu moeten we twee keer stoppen. Als we vertellen dat we van Tilcara naar Salta gaan, mogen we meteen doorrijden. Anderen moeten wat invullen en krijgen briefjes mee. Misschien heeft de plaatselijke bevolking toestemming nodig om hier te komen. Na Jujuy rijden we het bos weer in. Eerst het droge, dorre stuk. Alles is kaal, soms wat groene epifyten, soms een hele boom met allemaal gele bloemetjes en een enkele groene boom ertussen.
Na de ´top´ wordt het ineens groen en staan er hele andere bomen. Ook veel meer vogels en het wordt weer bewolkt. We zien vlak langs de kant van de weg een caracara die op de rug van een koe zit om daar wat ongedierte uit te eten.In Salta is het half bewolkt en gelukkig een stuk warmer dan een paar dagen geleden. Het is er ook een stuk levendiger. We hebben een soort tuinhuisje bij het hotel Antiguo Convento. Pal aan het zwembad met aan twee kanten grote glazen ramen en deuren. Heel idyllisch. Toch hebben we volgens ons een standaard kamer geboekt en binnen in het hotel zien we eigenlijk kamers die meer aan die beschrijving voldoen. Maar wij klagen niet. St. FranciskerkDan gaan we de auto inleveren op het vliegveld en komen met een taxi weer terug bij het hotel, dat midden in het centrum staat.
We gaan eerst wat empanadas eten bij El Corredor de las Empanadas. Ze zijn iets duurder dan gisteren (nu € 0,25 per stuk), maar wel een stuk lekkerder. We wandelen Salta door en zien dat de fietsers aan de linkerkant van de weg rijden.
We eten bij een restaurant waar voornamelijk plaatselijke mensen zitten. Nog goedkoper dan gisteren. Soms moeten we 'cubierto' betalen, maar zolang dat niet meer is dan € 0,45 vinden we het wel best.

Woensdag 2 novemberSalta

Een stralende zonnige en warme dag. Wat een verschil met een paar dagen gelden. We verbazen ons telkens aan het ontbijt over het brood. ´s Avonds hebben ze in elk restaurant erg lekker brood en bij de ontbijten croissantjes en sneetjes geroosterd brood. Wij willen dan ook dat lekkere brood. Vaak alleen maar boter en jam en zoete, bruine pasta. Soms kaas en ham en fruit. We lopen eerst naar de kabelbaan die naar de Bernardberg gaat. SaltaOm 10:00 uur gaat hij open en dan kunnen we meteen naar boven. In kleine vier- tot zespersoonsbakjes gaan we in acht minuten omhoog. Daar hebben we een prachtig uitzicht over de stad. Boven is ook nog een soort tuin met veel groene bomen en bloemen en gekleurde vogels. Als we weer naar beneden gaan, staat er een aardige rij voor de kabelbaan te wachten.
We gaan naar het postkantoor voor een paar postzegels, maar daar staat zo´n rij, dat we weer omdraaien. Daarna dwalen we door de stad en gaan naar de grote overdekte markt. Als je erg goedkoop wilt eten, moet je dat hier doen. De doeken die de indianen maken, zijn echt handgemaakt. Geen twee zijn hetzelfde al lijken ze erg veel op elkaar. ´s Middags is het zoals overal siësta. Veel winkels gaan dicht, maar het is niet uitgestorven. Tegen vijven komt iedereen weer tevoorschijn en tot 21:00 uur, als de winkels dichtgaan, is het erg druk op straat. Het valt ons op dat baby's altijd in de armen gedragen worden in plaats van in een wandel/ of kinderwagen. De schoolkinderen dragen een soort jasschort. De hele kleine donkerblauwe, de grote witte. Meisjes dragen een Schots rokje. De vrouwen dragen geen rokken, maar allemaal broeken.

Donderdag 3 novemberNaar San Pedro de Atacama (Chili)

Om 7:00 uur vertrekt de bus naar San Pedro de Atacama in Chili. Hij rijdt niet de weg die wij laatst een stuk hebben gereden, maar hij gaat via de snelweg over Jujuy (tolweg) en Purmamarca. Het is een nieuwe weg die niet op onze kaart staat, El Paso Jama, die helemaal geasfalteerd is. In de bus krijgen we ontbijt met een kopje thee. Later draait een film. We zien een bord met ´volgend tankstation over 275 kilometer´. Het is maar dat je het weet. Het is een goede asfaltweg die prachtig omhoog loopt en het berglandschap is erg mooi. Veel bochten. Op 4070 meter is de top en daarna dalen we weet wat af. We komen door een grote zoutvlakte. Af en toe zien we lama´s en guanaco´s.
Tegen half een krijgen we een lunch: een groot stuk brood met ham en kaas, zakje mayonaise, twee snoepjes, een chocoladekoekje en een glaasje cola.
De Argentijnse grens ligt op 4100 meter. Het gaat niet allemaal even efficiënt en we zijn blij dat de bus nog niet half vol is. Dat scheelt minstens een uur. Iedereen moet op volgorde van een lijst naar binnen en daar mag niet van afgeweken worden, want dan raken ze het spoor bijster. We hadden ons een beetje zorgen gemaakt, omdat we geen Argentijns briefje hebben gekregen bij binnenkomst van het land. Van iedereen hebben we gehoord, dat dat beslist nodig is. Hier niet dus. Ze kijken nergens naar. Het waait er stevig, maar het is niet koud. Nog steeds wolkeloos.
We steken nog een zoutvlakte over en zien een paar flamingo´s en later lama´s. We gaan steeds verder omhoog en de hoogste pas is op 4825 meter. Boven staan langs de kant van de weg prachtige ijssculpturen en overal zien we besneeuwde bergen.
De weg is heel erg stil. Een enkele vrachtauto met brugonderdelen. Dat is het. De Chileense grens is pas onderaan de berg bij het dorp en ligt op 2400 meter. Alle tassen moeten open en we moeten door een schoenenbadje. Je mag geen vlees en planten invoeren. De totale afstand vandaag is 600 kilometer waar we acht uur over hebben gereden. Anderhalf uur hebben we stil gestaan en gewacht bij de grenzen.San Pedro de AtacamaIn San Pedro zitten we net buiten het centrum. Leuk hotel: Casa Don Tomás. We gaan eerst op zoek naar een geldautomaat voor contante pesos (1000 pesos = € 1,50). Wordt weer even wennen. Daarna gaan we een biertje drinken. Het is een kleine plaats met allemaal onverharde wegen. Veel toeristen. Het is droog, stoffig, erg, erg warm. We hebben mooi zicht op de vulkaan Licancabur, die heilig is voor de indianen.
Veel mensen lopen met een jas. De restaurants hebben vaak een open binnenplaats en overal branden vuren. Er ligt ook een hele stapel dekens op ons bed, dus het zou wel eens koud kunnen worden. Vanavond valt het mee. We eten een parrillade. Men eet hier aanzienlijk vroeger dan we tot nu toe gewend waren. De toeristen moeten wel vaak vroeg op voor excursies, misschien komt het daardoor.
In Argentinië dronken we altijd water gewoon uit de kraan. Dat kan niet in San Pedro omdat er hier teveel mineralen in het water zitten. In het hotel krijgen we gratis flesjes water. In de rest van Chili kunnen we wel weer uit de kraan drinken.

Vrijdag 4 novemberSan Pedro de Atacama - Valle de la Luna

Eindelijk weer eens een goed en uitgebreid ontbijt met dikke plakken ham en kaas, eieren, yoghurt en heerlijk frambozensap.
Valle de la LunaWe dwalen door de stoffige straten van de plaats. Het is maar klein en veel valt er niet te beleven. We gaan naar het antropologisch museum dat wel mooi is met veel voorwerpen en gebruiksartikelen tot 12.000 jaar terug. Ook staan er verschillende mummies die in het droge zand goed bewaard zijn gebleven.
Op de markt kopen we een petje zoals die in het hele Andesgebied gedragen worden, met van die zijflapjes. Voor aan de muur.
Om 16:00 uur worden we opgehaald voor een excursie naar de maanvallei, de Valle de la Luna. Het is de droogste woestijn ter wereld en men kan zich niet herinneren wanneer het hier voor het laatst geregend heeft. Vroeger, tijdens de vorming van het Andesgebergte, is een hele bergrug van zoutgesteente gevormd. Het zout is keihard en lijkt in de zon wel op ijs. Tegen zonsondergang beklimmen we een hoge zandheuvel waar we mooi uitzicht hebben op de ondergaande zon en de roodgekleurde bergen in de buurt.

Zaterdag 5 novemberSan Pedro de Atacama - Tatio-geisers

Tatio-geiserIndiaanseOm 5:15 uur worden we opgehaald voor een lange dagtocht. In het hotel konden we een ontbijtpakket bestellen en dat hebben we gedaan.
Eerst rijden we naar het noorden, omhoog naar 4300 meter waar de Tatio-geisers liggen. De meeste geisers zijn vrij klein en slechts één spuit water omhoog. Echter niet meer dan een meter. Wij vinden het niet zo koud, maar we zijn de enigen die daar zo over denken. De meeste zijn Spanjaarden en zijn deze temperatuur niet gewend. We krijgen ontbijt met brood, kaas, chocolade, koffie, thee en fruit. Onverwachts. Daarna rijden we naar het westen. Onderweg zien we flamingo's, veel vicuña's, een viscacha (soort konijn met een lange staart) en lama's. En ook nog wat guanaco's.
Vlak voor Caspana komen twee kinderen met een groepje lama's en geiten de weg op. Een mooi plaatje. Caspana is deels nog gebouwd in de incatijd met huizen met A-daken, die je hier verder niet ziet. Smalle straatjes, daken van paja (hoog en stug gras van de hoogvlakte). De plaats heeft een ommuurde 17-eeuwse kerk met klokkentoren. De bewoners zijn eigen rechter, politie hebben (en erkennen) ze niet.
Dan door naar Chiu Chiu waar een mooie kerk uit 1675 staat. Massief 120 centimeter dikke muren en een plafond van cactushout. Het is binnen dan ook lekker koel.
In Lasana krijgen we een lunch, ook onverwacht. Soep, kip met rijst en een drankje. Op de heuvel liggen de ruïnes van een gefortificeerd dorp, waarvan de bouw begon in de vierde eeuw . Later is het verwoest door de Spanjaarden. Om 17:30 uur zijn we weer terug in het hotel.
Na een lange, stoffige dag gaat een biertje makkelijk naar binnen. Vooral de eerste slok is erg lekker. Het is hier wat duurder dan in Argentinië, maar nog steeds goedkoop.